Het gras-dieet
Door Udo Pollmer

Affe Futter© greenphotoKK / www.fotolia.de

Levensmiddelenchemicus Udo Pollmer ziet, dat er voortdurend nieuwe geneeskundige krachten in planten ontdekt worden. Zo werd zelfs ruwvoer voor runderen – lees gras, hooi en silage – als superfood verkocht. Pollmer twijfelt aan dergelijke gezondheidsbeloftes.

Schapen, runderen en olifanten plachten zoals bekend te weiden. Dit geldt voor holistisch denkende therapeuten als bewijs, dat wij dat ook zouden moeten doen. Dieren hebben nog een natuurlijk instinct en worden niet door aardbeienjam of ansjovis-pizza’s verleid. Intussen heeft zich een beweging gemeld, die de consumptie van gras huldigt, de ene keer als sap, de andere keer als poeder. Het meest geliefd is gerst-gras, gerst dus, die nog geen bloesem of aren ontwikkeld heeft,...

...gevolgd door tarwegras en maaigras. Dit alles biedt ons, zo lees ik, “een rijk gevulde hoorn met de meest waardevolle en zeldzaamste substanties, die het organisme in alle hoeken en gaten gezond maken, repareren en verzorgen”.

Sinds de paleontologen discuteren, of enkele van onze voorouders zich ook niet met grassen gevoed hebben, heerst er een euforische stemming. Daarmee zou er een directe verbinding zijn tussen de Australopithecinen uit de Afrikaanse savanne en de grasslurpers met smartphone in onze stads-biotopen. De zaken met de peperdure sappen hadden eindelijk een commerciële basis, wanneer de aapachtige voorouders de uitzonderlijke gezondheid bevorderende geheimen van het gras op hun waarde wisten te schatten.


Dikhuiden verhongerden waarschijnlijk

Als belangrijkste bewijsmiddel geldt een goed drie miljoen jaren oud kaakstuk met daarin een paar tanden, dat bij het Tsjaadmeer opgegraven werd. Analyse van de botten met koolstofisotopen wijst op plantaardige kost, preciezer gezegd op grassen, zegge en biezen, - daartoe tellen bijvoorbeeld papyrus of aardnoten. Bovendien vonden de experts bij een andere kaak een klein silicaat concrement. Uit deze enkele diagnose menen ze te mogen concluderen, dat de apen hoogst persoonlijk in het gras beten of de onopvallende wortelknolletjes van de biezen opgegraven en verteerd zouden hebben.

Grassen en biezen vormen silicaatkorrels, waarmee ze niet alleen hun bladeren maar ook hun wortelknollen tegen vraatvijanden beschermen. Silicaat is zo schurend, dat ook de superharde glazuurlaag van de tanden vernietigd word. De planteneters hebben op hun beurt specifieke tegenmaatregelen ontwikkeld. Olifanten bijvoorbeeld krijgen alle 10 jaar nieuwe kiezen, en de afgesleten stompjes vallen uit. Helaas worden ze maar zes keer vervangen, daarom sterven de dikhuiden gewoonlijk door verhongering, omdat bij hun de tanden ontbreken. Alle voeding vergt ook speciale aanpassingen.

De tanden van de opgegraven kaakfragmenten zijn overigens volledig ondeugdelijk om silicaatkorrels aan te kunnen, of het moet zijn dat de keukentechniek zo’n drie miljoen jaar geleden al een bepaald niveau bereikt gehad zou hebben. Daarbij bestaat er een heel simpele verklaring voor de isotopen uitkomst: consumeerden de apen daarvoor in de plaats dieren, die van hunnerzijds grassen en biezen vraten, dan vind men hetzelfde isotopen-patroon. Met deze methode kan men ieder roofdier voor vegetariër door laten gaan.


Terug naar de halfapen

Nooit en te nimmer is het met gras en wortelwerk mogelijk, te voorzien in de energiebehoefte van het menselijke brein. Niet eens voor een primitieve Australopithecine, die maar een derde van de menselijke hersenen bezat, zou daarmee klaar gekomen zijn. Binnen onze verwantschap bestaat er maar een specialist, die zich op deze wijze voed: Een halfaap, die op Madagsakar leeft. Verder is het met de biezen niet gekomen.

Nu willen enkele voedingsexperts de evolutie van de mens weer terugdraaien naar de halfapen, doordat ze graan gaan zaaien, maar het koren niet laten rijpen, maar als gras afmaaien, lang voordat het oogst gaat leveren. Voedingsadviseurs schrijven “wild verzameld gras” een “energetische werking” toe – wellicht windenergie in de darm. Vaklieden van het Saksische Ministerie van Landbouw hebben berekend, dat maaigras uit het landschap onderhoud in de biogasinstallatie per liter ruim 24 liter gas levert.

Rundvee mag gras eten, mensen oogsten het rijpe graan en bakken daar brood mee en brouwen bier. Het schuimende gerstenat is in tegenstelling tot gersgrassap voedzaam, smakelijk en zorgt voor stemming. Zelfs de apen laten hun handen weg van grassen. Een waarheid als een koe. Eet smakelijk!